Welkom terug bij De Taalvonk.
Vanaf nu ontvang je ‘m elke twee weken.
Deze keer een boek voor de bovenbouw. We beginnen niet bij het boek. We beginnen bij wat de klas nog niét weet. Eén fragment. Geen plot, geen uitleg, geen achterflap. En dan kijken we wat er gebeurt als de verbeelding van groep 7/8 het stokje overneemt.
Zullen we?
Wolfke van Mariska Overman
Sommige boeken beginnen rustig. Andere zetten meteen iets op zolder waar je niet bij mag.
Wolfke is van het tweede soort.
Holly woont met haar moeder in een villa diep in het bos. Op een dag brengt moeder iets mee. Iets van ongeveer anderhalve meter lang. Met blote voetjes. En een laken erover. Het mag op zolder. En Holly mag daar niet komen.
Mariska Overman doet iets bijzonders in dit boek. Ze schrijft een mysterie van een heel tof soort. Spanning die eigenlijk over hele andere dingen gaat. Over wat je doet als je iets weet wat je niet mag weten.
De geweldige illustraties zijn van Harmen van Straaten. Het boek is uitgegeven door Lemniscaat.
Perfect voor groep 7/8. Een pittige groep 5/6 kan ook prima mee, mits je het tempo van het voorlezen rustig houdt.
Tip: deze boekentip is voor jou. Lees het fragment hieronder hardop voor, voor je de achterflaptekst of het boek voorleest. De verrassing is het halve werk.
Het leesfragment
Lees dit voor. Verder niets. Geen titel laten zien, geen aankondiging vooraf. Stilte na het lezen is goed.
‘Dit is een geheim. Je mag er met niemand over praten,’ fluisterde haar moeder in haar oor, bij de voordeur. Ze wees naar iets wat verstopt onder een laken krom stond.
Stop hier. Laat ze even hangen in dat ‘iets’.
De schrijfopdrachten
Drie opdrachten deze keer. Kies er één, doe ze alle drie verdeeld over de week, of laat de kinderen zelf kiezen. In groep 7/8 werkt dat laatste vaak het best.
Opdracht 1: Wat staat er onder het laken?
Teken of beschrijf drie mogelijkheden. Bij elke één zin die Holly denkt op het moment dat ze het laken oplicht.
- Eén is onschuldig.
- Eén is eng.
- Eén kan helemaal niet.
Laat de drie zinnen daarna kort voorlezen. Niet bespreken. Gewoon laten staan in de klas.
Opdracht 2: Chat tussen Holly en haar buikgevoel
Holly twijfelt of ze stiekem naar zolder zal sluipen waar dat ‘iets’ verstopt is.
Schrijf zes korte berichtjes alsof Holly met haar buikgevoel appt.
- Buikgevoel zegt steeds: ‘DOE HET NIET.’
- Holly zegt steeds: ‘TOCH WEL.’
- Elke keer een andere reden.
- Het laatste berichtje is anders. Eentje twijfelt.
Werkt sterk in tweetallen. Eén kind is Holly, één is het buikgevoel. Hardop appen, daarna opschrijven.
Opdracht 3: De zolder geluidenlijst
Maak een lijst: Dingen die Holly hoort op de zolder.
Schrijf zeven dingen.
- Minstens twee moeten heel zacht zijn.
- Eén ding hoort daar eigenlijk niet thuis.
Daarna voorlezen. Een per kind als je het klassikaal doet. De lijst die ontstaat is goud waard voor de sfeer van het verhaal.
Filosoferen
Stel deze vraag aan je klas. En luister.
Mag je iets tóch vertellen als het voelt alsof je anders ontploft?
Er is geen goed antwoord. Wel een gesprek dat blijft hangen.
Abonneer je hier op zodat je geen enkele nieuwbrief mist!



